Tafelberg

Ik ben niet iemand van de lange-termijn plannen. En dan bedoel ik dus echt de meerjarenplannen. Ik ben meer iemand met de filosofie: ik doe nu wat ik tof vind en waar ik denk iets van te kunnen leren, en dan leidt dat me vanzelf weer tot mijn volgende stap. Een houding die altijd heel goed voor mij werkte. Want ik vind het moeilijk te kiezen en moeilijk mijn toekomst te bepalen, dus ga ik waar ik mezelf heen leid. Maar de laatste tijd komt ineens telkens de vraag op me af: wat zijn je doelen?

Een voorbeeld is stage. Mijn stagebegeleider vroeg na mijn eerste week: wil je je leerdoelen opschrijven en bespreken? Mijn eerste reactie was: nee, ik wil helemaal geen doelen stellen! Geen doelen stellen werkt voor mij perfect, ik vind het onmogelijk om te bepalen waar ik over 5 jaar ben maar ook al heel moeilijk om dat over 1 jaar te zeggen. Daarnaast voelt doelen stellen bijna een beetje onzinnig: meestal áls ik doelen stel, hou ik me er toch niet aan. Maar misschien zegt dat meer iets over de doelen die ik stel, dan over het nut van doelen stellen. Hoewel er ontelbare how to’s en youtube-filmpjes over dit onderwerp te vinden zijn (hoe bepaal je je doelen? Hoe houd je je aan je doelen), was ik dus even de weg kwijt.

Ik werd dit keer door de omstandigheden gedwongen om toch maar wat doelen onder elkaar te zetten. Ik schreef wat dingen op papier en naar mijn idee waren het suffe dingen. Kleine doelen, die eigenlijk wel voor zich spraken. Die dingen zou ik sowieso wel gaan leren, dat hoefde ik niet perse op een papiertje op te schrijven. Ik wist ze wel. En voor mijn stagebegeleider zouden ze ook vast voor zich spreken.

Maar toen ik ze ging bespreken met mijn stagebegeleider bleken het eigenlijk hele goede, normale doelen te zijn. Legitieme doelen, en helemaal niet suf. En nu we een paar weken verder zijn, merk ik dat het heel handig is om die doelen zwart op wit op een rijtje te hebben staan. Het geeft focus, en houvast. En ik kan nu elke week aan de hand van een lijstje samen met mijn stagebegeleider bepalen: zijn we nog steeds op de goede weg, heb ik de afgelopen week dingen gedaan die bijdragen aan mijn doelen?

Natuurlijk had ik moeten luisteren naar mijn eigen advies: de gouden regel van het kleine doelen stellen. Maar dat het ook om zulk soort doelen kon gaan, had ik even niet door. En dat het zo zou werken. Wat ik namelijk wil vertellen: door wél die dingen op te schrijven, die misschien heel vanzelfsprekend aanvoelden, ligt nu de focus er écht op. En zo ben ik bewuster van mijn leerproces en hoe veel ik eigenlijk aan het leren ben.

Een ‘go with the flow’-mentaliteit kan soms heel fijn zijn, en ik ben er nog steeds van overtuigd dat het super goed is om telkens te doen waar je op dat moment blij van wordt, en dat al die kleine beslissingen bij elkaar je zullen brengen waar je moet zijn. Maar: (kleine) doelen stellen kan ook fijn en goed zijn. Het geeft je een richting, het geeft je focus. Zolang je maar juist de kleine doelen opschrijft, in plaats van iets groots en onbereikbaars. Je hoeft geen enorme doelen op je lijst te hebben staan, doelen stellen kan ook betekenen dat je het voor de hand liggende opschrijft en tastbaar maakt.

Misschien is dat soms moeilijker dan anders. Voor de gebieden waarop ik alleen met mezelf afspraken hoef te maken vind ik het bijvoorbeeld juist moeilijker om mijn doelen klein en simpel te houden. Komt die millennial-net-afgestudeerden-druk weer de hoek om kijken. Waarom we dat onszelf aandoen is iedereen een raadsel, maar het gebeurt. Maar dat is weer iets voor een ander stukje.

Dat dus niet, maar wel kleine fijne doelen, die je verder brengen en gefocust houden. Een les voor mij, misschien ook voor jou. Hoe bepaal jij je doelen, of ben jij juist niet van het doelen stellen?