In de tweede post van deze serie, stop deze trein, had ik het over de trein van het leven, vol verwachtingspatronen en gevormd door wat iedereen eigenlijk al doet. Die trein heeft iets engs: je hebt soms het gevoel dat je er geen controle over hebt, dat ‘ie nooit meer kan stoppen al zou je het willen, dat je vastzit aan de rails maar niet eens weet waar die naartoe leiden, en of dat wel jouw bestemming is. Die trein heeft echter ook iets kalmerends, geeft ook een soort veilig gevoel. Je weet wat je te wachten staat, volgt de gebaande paden: middelbare school, verhuizen naar de stad, studeren. Er is altijd al een suggestie voor wat de volgende stap is, want iedereen doet min of meer hetzelfde.

Zo zat ik ook in die trein. Na de middelbare school koos ik een studie en ging ik studeren. Binnen mijn studie koos ik steeds meer een richting, die ik steeds leuker begon te vinden. Ik besloot een half jaar naar het buitenland te gaan. Telkens was er de gedachte: ik zit sowieso nog een paar jaar hier, met deze studie, in deze stad. De toekomst komt vanzelf wel.

En toen was de toekomst ineens daar. Of althans, zo voelde het. Afgelopen voorjaar kwam het besef ineens binnen: over een paar maanden ben ik afgestudeerd. En dan? Wat gebeurt er dan met alle dromen die ik had? Ga ik door in deze trein, of stap ik heel eventjes uit om eens te kijken wat zich allemaal daarbuiten bevindt?

Dat was waar ik het de vorige keer over had. De trein. Die soms benauwend is, verstikkend. Andere keren kan die trein juist veilig aanvoelen. Ik ben er nog niet helemaal uit of dat iets goeds is, of juist niet. Maar er is wel iets anders waar ik achter ben gekomen: het werkende leven is zo gek nog niet. En: ik hoef mijn dromen niet te laten varen.

Het leven is niet voorbij na je studie

Ik dacht altijd: wanneer ik eenmaal met een baan begin, dan is het voorbij. Tenminste, dat onbezorgde dromen is dan voorbij. Ik kan dan nooit meer bereiken waar ik van droomde, dus zal ik op dat moment die dromen moeten laten varen. Nu ik stage loop kom ik er dat het heel anders is, misschien zelfs bijna omgekeerd. Als je werkt, en een middelmatige kantoorbaan hebt op een leuke, maar niet al te intensieve functie, heb je meer tijd om aan side-projects te werken dan wanneer je studeert. Een studie vergt gewoon veel van je, zowel in tijd als ook in ruimte in je hoofd. Dat werkt bij veel banen heel anders: je werkt van 9 tot 5 en vervolgens is je werkdag gewoon voorbij. In het weekend: vrije tijd. Misschien werk je niet 5 dagen per week, dan heb je nog meer vrije dagen. Allemaal tijd en ruimte om dus in andere leuke projecten te stoppen!

Ik schreef al eerder in deze serie over de podcast Millennial. Vanaf het moment dat ik deze podcast begon te luisteren was ik fan, en dat ben ik eigenlijk nog steeds. Megan neemt haar luisteraars mee in haar leven als pas-afgestudeerde, vol dromen en idealen maar ook vol onzekerheid over de toekomst. Inmiddels ben ik klaar met seizoen 1 en het eind van dit seizoen past precies bij wat ik op dit moment denk: werken kan juist heel goed in combinatie met je creatieve projecten. Zo besluit Megan om een baan bij een radiostation aan te nemen, een baan die leuk is maar die haar niet voor die volle 100% uitdaagt en bezighoudt. Daardoor houdt ze echter wel tijd over om ’s avonds en ’s nachts haar podcast te maken, een project waar ze wél dat enthousiasme volledig in kan leggen.

Wat is succes?

Naast dit inzicht probeer ik ook te blijven bedenken waar ik eigenlijk voor streef. En dat is simpelweg: de dingen doen waar ik energie van krijg, die ik constant zou willen doen, de dingen waarbij ik de tijd vergeet als ik ze aan het doen ben. Dat zijn veel verschillende dingen. En natuurlijk wil ik beter worden in die dingen, vooruitgang zien. En het liefst wil ik ook gezien worden, en het niet allemaal alleen op mijn kamertje doen. Maar het belangrijkste is, dat ik niet een bepaalde vorm van succes nastreef die in getallen te vatten is. Dat maakt me veel vrijer om op dit moment al gelukkig te zijn, met wat ik doe.

Natuurlijk is dit voor iedereen anders, mensen hebben het wel vaker over “jouw definitie van succes”. En hoewel het logisch klinkt, is het misschien toch iets waar je niet altijd goed genoeg bij nadenkt. Ik kan zelf al snel denken: ik ben nog steeds niet wereldberoemd met mijn muziek, waar doe ik het toch allemaal voor (beetje kort door de bocht, maar je snapt het principe vast). Maar op dat moment vergeet ik dat mijn definitie van succes helemaal niet is om wereldberoemd te worden, maar dat ik gewoon lekker bezig wil zijn. En dat bén ik!

Je hoort het: ik probeer wat tevredener te zijn met wat ik op dit moment heb. Want wat is dat eigenlijk enorm veel. Op dit moment in mijn leven heb ik letterlijk niks om te klagen. En dat overvalt mijn brein soms, dat brein dat toch altijd op zoek is naar negatieve dingen om zich druk om te kunnen maken. Maar nee, al heb ik als 22-jarige nog erg veel te leren en gaat niet alles altijd vanzelf: life is good. En dat mag ook wel eens gezegd worden.